
Ik hou van dingen doen. De hele tijd stil zitten is niet mijn ding. Ik hou van praten en gezelligheid. In mijn vrije tijd spreek ik vaak af met vrienden of teken ik.
Ik pas op de kinderen wanneer de ouders plannen hebben. Ik zorg voor hun veiligheid en dat ze zich niet vervelen.
Ik deed vrijwilligerswerk als leiding voor kinderen. Ik zorgde voor programma's en dat die goed verliepen. Voor dit werk heb ik een lintje verdient.
Ik was vakkenvuller, dus ik moest de schappen met producten. Ik heb klanten geholpen met producten. Onderhouden van een nette winkelomgeving.